Muziek Tradities

Het geschiedenis van de Wit-Russische muziek

Traditionele Wit-Russische muziek heeft veel gemeenschappelijk met muziek van de andere Oost-Europese landen en Scandinavië. De ontwikkeling van de Wit-Russische muziek is het meest beïnvloed door de geschiedenis en contacten met Scandinavië, Polen, Rusland en Oekraïne.

Beginjaren

De beginjaren van de Wit-Russische muziek zijn geassocieerd met het dagelijkse leven en heidense feesten van de Wit-Russische stammen die meestal agrarisch waren. Het merendeel van de muziek en dansen weerspiegelt het werkproces, de mens met betrekking tot de natuurlijke omgeving en ”verhalende dansen” die over familie rituelen en levens momenten gingen. Herfst en winter liederen, zomerfeest gezangen, klaagzangen, slaapliedjes, bruiloft en begrafenisliederen en dansen waren de eerste genres. In deze periode kwamen de eerste traditionele instrumenten in gebruik – dudka(fluit), buben (tamboerijn) en drymba (vargan).

Met de introductie van het christendom (eind 9de eeuw) werden vele van de heidense liedjes en dansen aangepast om bepaalde christelijke feesten en gebeurtenissen te laten vieren. De grootste voorbeelden daarvan zijn Kaliady (kerstliederen en verkleed tochten die oorspronkelijk heidens waren), Kupalle (Zomerfeest liederen) en Troitsa (Pinksteren).

 

Wit-Russische Middeleeuwen en Renaissance (15-18e eeuw)

Muziek van deze periode kan grof verdeeld worden in 3 categorieën: “Muziek voor de rijken”, basis klassieke muziek; kerk muziek; en volksmuziek en theater. In de 15-18de begint muziek meer professionele vormen te krijgen. In de Middeleeuwen staat Wit-Rusland bekend als “het land van kastelen”. Voortdurend deze en latere Renaissance periode werden prachtige kastelen en paleizen van de Wit-Russische magnaten bekend als de culturele centrums van het Europees belang. Slonim (toen Albertsin), Hrodna (Grodno), Ruzhany en Niasvizh (ook kleine Parijs genoemd) creëren en ontwikkelen eigen kunstgalerieën, bibliotheken, theaterproducties. Vertegenwoordigers van de rijkste en de meest prestigieuze families wijdde zich aan kunst. Wereld muziek kwam op de landgoederen van adelen, amateur concerten werden ook door schliahta (middenklas en “middenrijken”) georganiseerd. De grootse voorbeelden daarvan zijn hertog Maciej Radziwill (1749-1800) – componist en toneelschrijver van Kasteel Niasvizh en Michal Kazimir Aginski (1728-1800) – componist die een muziek capella had, theater en muziekschool in Slonim geopend.

Belangrijke rol in de ontwikkeling van de professionele tradities van de Wit-Russische muziek speelt in 16-17de eeuwen de kerkzangen, orgel en koor muziek. Professionele muzikanten werden in de kerkkoren van de orthodoxe en protestantse scholen getraind. In de 17de eeuw kwamen ook Chants in Wit-Rusland. Afanasiy Filipovich en Simeon van Polatsk speelden hier een grote rol. “Diariushe” (1645-1646) van Filipovich was het eerste voorbeeld van het notenschrift van de Wit-Russische muziek. In de 17de eeuw kwam ook de eerste gedrukte bladmuziek collecties – “Brestskі kantsynianal”, “Niasvіzhskі pesennіk”.

Aan het einde van de 16de eeuw werd een poppentheater Batleyka bij arm en rijk populair. Met humoristische en satirische liederen stonden de voorstellingen van Batleyka vaak dichtbij die van de hofnarren en clowns, maar aan de andere kant was er altijd een religieuze (Bijbelse) verhaal achter. Tussen de acts werd volksmuziek gespeeld.

Romantisme en verlangen naar de vrijheid (18-20e eeuw)

Deze periode is verlicht door de liederen van de pachtboeren en de strijd voor vrijheid (landarbeiders, gevangenis, werven, soldaten). De beelden van de strijd, heldendom en nationale identiteit (“Prylyatselі gusі”, “Pavey, vetryk, Pavey”). Ook begint in deze periode opera te ontwikkelen als muzikale genre. De opera productie in Wit-Rusland komt op een hoog professioneel niveau, meestal dankzij privétheaters (bijvoorbeeld een opera “Shchaslіvae nyashchastse”-“Gelukkige Ongeluk” (1752, door de hertogin Radziwill).


De vertegenwoordiger van een oude adellijke Wit-Russische familie was Michal Kleofas Aginski (1765-1833) die nog tijdens zijn leven kreeg erkenning in Europa als politicus en componist. Zijn bekendste Polonaise is “Afscheid van het vaderland” (Minor).

Begin 20de eeuw is vol van de nieuwe muzikale vormen, opera en musicals, de eerste symfonische concerten.

Het eerste Nationale Drama Theater werd door een rijke landeigenaar Ignat Buynitski (1861-1917) geopend. Dat was de eerste vereniging die de Wit-Russische taal in theater terug bracht. In het Russische Rijk gingen voorstellingen meestal in het Frans of Russisch. Nicholas Rubinstein opent in 1907 Muziekschool in Minsk, waar muziek voor het eerst als beroep werd gestudeerd.

 

Sovjet periode (1917-1991)

De belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van muziek zijn geassocieerd met heldenmoed en veelzijdige expressie van het nieuwe regime. Dat uit zich in de opera en symfonische genres. Het Klassieke Conservatorium werd geopend, ook meerdere muziekscholen.

Nikolai Churkin (1869-1964) – is een van de oprichters van de Wit-Russische professionele muziek, de oprichter van het Nationale Symfonie als genre, nieuwe muziek genres voor kinderen, de auteur van de eerste Wit-Russische Sovjet opera ” Vyzvalenne Pratzai”(“Arbeid maakt vrij”). Een verzamelaar van muzikale folklore, Nikolai Churkin had meer dan 3000 volksliederen en dansen opgenomen.

Evgeny Tikotsky (1893 – 1970) – een van de grondleggers van de professionele muziek in Wit-Rusland, bekend voor zijn veelzijdige artistieke ideeën, humanistische oriëntatie, combinatie van diverse stijlen van folk tot classic (opera “Mіhas Padgorny”, “Ales”, “Hanna Gromava”).

Tijdens en na de oorlogsjaren neemt het thema van het moederland en patriottisme de belangrijkste plaats in (de soldaten liederen, marsen en geromantiseerd patriottische liederen). In de naoorlogse jaren werd de relatie met folklore muziek dieper en veelzijdiger. Meer folk muziek wordt voor radio en televisie gebruikt.

Een voorbeeld van het onderwerp oorlog is Ballet “Alpine Ballade”, gebaseerd op de roman van Vasil Bykau. Thema van moed en liefde van de Wit-Russische jongen en het Italiaanse meisje, die uit een naziconcentratiekamp ontsnappen.

 

Traditionele Wit-Russische muziekinstrumenten

 

Гуслi – Gusli

Een soort van Psalterium (kantele, kankles, Kanel) – een veelzijdig snaren folk muziekinstrument, die in de 11de tot 20de eeuw gespeeld werd in Wit-Rusland, de Scandinavische landen, Baltische staten, Noordwestelijk Rusland en in het noorden van Polen.

 

 

Gusli LUISTEREN

 

 

Валынка (Дуда) – Valynka (Doedelzak)

Een blaasinstrument, soort van de doedelzak in de oude vorm. De doedelzak is een rietinstrument waarbij het riet indirect bespeeld wordt via een luchtkamer en niet met de lippen of tong. Zowel enkele als dubbele rieten worden toegepast. Doedelzakken zijn oude muziekinstrumenten die kwamen in Europa in de eerste eeuw (volgens sommigen) uit het Oosten.

 

 

 

Valynka (doedelzak) LUISTEREN 

 

 

 

Цымбалы – Cimbaly (Cimbalom)

Cimbalom, niet te verwarren met het slagwerkinstrument cimbaal, is een snaarinstrument dat behoort tot de plankciters. In West-Europa worden ze vaak hakkebord of hackbrett genoemd. Is in Wit-Rusland sinds 16de eeuw bekend.

Cimbaly LUISTEREN 

 

Жалейка – Zhaleyka

Жалейка (zhaleyka) – soort van een hornpipe of horlepiep. Het is een houten blaasinstrument met een riet als mondstuk, dat zich bevindt in een kap die vaak uit een hoorn is vervaardigd, ook het uiteinde kan van hoorn gemaakt zijn.

Zhaleyka LUISTEREN 

 

 

Дрымба (Варган) – Vargan (Drymba)

Een van de oudste muziekinstrumenten in de geschiedenis. Laatste 20 jaar komt het terug in verschillende muziekgenres in Siberië, het Verre Oosten, Oostenrijk, Noorwegen, Oekraïne, Wit-Rusland en Moldavië. In de oudheid geloofde men dat het bespelen van de vargan de geest zuivert en de levenskracht van de mens versterkt, harmoniseert de functie van alle organen. Vargan ontstond toen de primitieve mens het uiteinde van een boog in de lucht of in de mond hield en de andere kant in de grond liet rusten. Wordt nu gespeeld door een slag met de vingers.

Vargan LUISTEREN

 

Дудка – Dudka

Sort van een blokfluit, is een houten blaasinstrument met een labium. De blokfluit is voorzien van een mondstuk om het aanblazen te vergemakkelijken. Het blok laat een smalle spleet vrij waardoor de lucht op het labium gericht wordt. Het zachtere hout van het blok maakt de opname van ademvocht mogelijk wat de speelbaarheid ten goede komt.

Dudka LUISTEREN

 

 

Buben -Tamboerijn

Buben – een tamboerijn is een lijsttrommel, die bestaat uit een hoepel die met een vel bespannen is en waaraan enkele belletjes bevestigd zijn. Een van de oudste instrumenten in de Wit-Russische volksmuziek.